Psalm
Psalm 110
van David, een psalm
Zo spreekt de HEER tot mijn heer: “Neem plaats aan mijn rechterzij, totdat ik je vijanden heb neergelegd als een bank onder je voeten.”
Vanuit Sion reikt de HEER je de koningsstaf van je heerschappij aan: oefen je macht uit te midden van je tegenstanders.
Op de dag dat je uittrekt staat je volk gewillig klaar, in heilige pracht getooid;
als dauw uit de schoot van de ochtendstond behoort je jeugdkracht je toe.
Een eed heeft de HEER gezworen, en die neemt hij niet terug: “Voor altijd ben jij priester, in de lijn van Melchisedek.”
De Heer staat je terzijde aan je rechterhand;
op de dag dat zijn woede losbarst verplettert hij koningen.
Onder de volken houdt hij gericht, tot het bezaaid ligt met doden;
wijd over de aarde slaat hij de hoofden stuk.
Onderweg lest hij zijn dorst aan een beek langs de weg, en zo richt hij het hoofd triomfantelijk op.