Woordanker leesuitgave ‹ ›

Psalm

Psalm 110

van David, een psalm

Zie je iets dat beter kan? Klik op een vers om te reageren of om de uitleg te openen.

Zo spreekt de HEER tot mijn heer: “Neem plaats aan mijn rechterzij, totdat ik je vijanden heb neergelegd als een bank onder je voeten.”

Vanuit Sion reikt de HEER je de koningsstaf van je heerschappij aan: oefen je macht uit te midden van je tegenstanders.

Op de dag dat je uittrekt staat je volk gewillig klaar, in heilige pracht getooid;
als dauw uit de schoot van de ochtendstond behoort je jeugdkracht je toe.

Een eed heeft de HEER gezworen, en die neemt hij niet terug: “Voor altijd ben jij priester, in de lijn van Melchisedek.”

De Heer staat je terzijde aan je rechterhand;
op de dag dat zijn woede losbarst verplettert hij koningen.

Onder de volken houdt hij gericht, tot het bezaaid ligt met doden;
wijd over de aarde slaat hij de hoofden stuk.

Onderweg lest hij zijn dorst aan een beek langs de weg, en zo richt hij het hoofd triomfantelijk op.

← Psalm 109Psalm 111 →